Het ontstaan van Nieuw-Buinen

  

Het ontstaan van Nieuw-Buinen

En de opkomst van de glasindustrie van Nieuw-Buinen 1838-1937.

De aarde nu was woest en ledig. Deze tekst uit Genesis 1 komt bij mij in gedachten wanneer men de kadasterkaart uit 1832 bekijkt van het grondgebied waarop nu Nieuw-Buinen

n gebouwd is. Een doodlopende stukje kanaal (Dwarsdiep) met daarbij één huisje (het toenmalige markenhuis) en verder niets. Dat één huisje accentueert de totale leegte van een gebied waarin slechts enkele jaren later mensen uit alle windstreken zich zouden vestigen ”deels om te werken in de vervening” anderdeels om een voor deze streken nogal bijzondere beroep uit te oefenen van glasmaker. En dat in een uithoek van de gemeente Borger, vanuit de hoofdplaats rechtstreeks hooguit via een voetpaadje bereikbaar was, en waar de schaapherder in de 17e eeuw toen de bevolking van de grote steden meer vraag deden naar brandstof. Zo kwam ook de Drentse turf aanbod. En zo kwam ook de turfwinning op gang. Was zeer belangrijk was voor de glasindustrie. Maar eerst moesten er kanalen worden gegraven” omstreeks 1766 werd hier mee begonnen” en in 1824 was de aanleg zo ver gevorderd” dat er een begin kon worden gemaakt met de aanleg van Buunermond ”het ontsluitingskanaal van de Bunervenen. De Veenkolonie Nieuw-Buinen was ontworpen als onderdeel van een ontginningsplan ” Dat in 1829 werd aangenomen om de kanalen te graven die loodrecht op het Dwardiep ”dat via de Buunermond met het Stadskanaal was verbonden” Er zijn twee kanalen getrokken: het Noorder en het Zuiderdiep: en de dwarsplaatsen waren gescheiden door kleinere kanaaltjes(wijken genoemd) die uitmonden op de hoofdkanalen. Langs de diepen moest ruimte vrij blijven om woning te vestigen en om de aanleg van een weg. Ook aan beide zijden van het Dwarsdiep werd een strook grond voor woningbouw gereserveerd “de middenstrook ook wel genoemd” in de volksmond het Aailand. In de glas ondernemers van Nieuw-Buinen waren er twee koppels namen verbonden, n.l. Fresseman Viëtor en Thöne en Meursing beiden in relatie financier en uitvoerder. Het eerste koppel beet de spit af in 1838. De sleutelfiguur bij het tot stand komen van de Nieuw Buiner glasindustrie is zonder twijfel MR.Jan Fresseman Viëtor geweest , van hem kwamen alle ideeën van de glasindustrie in Nieuw-Buinen. Dat kon ook de verklaring wezen met de glashandelaar Thöne die de eerste directeur van de eerste glasfabriek zou worden. Thöne zou voor dat hij zich in Nieuw-Buinen vestigde kleine glasblazertjes hebben gehad ”in Winschoten en Stadskanaal ”hier is echter geen bewijs van te vinden. Thöne was een reizende “van de reizende glashandelaars “en had toen veel contactpersonen en zij brachten wijd en zijd de geruchten rond over de glasindustrie in Nieuw-Buinen. Het is een illusie om te denken, dat op dergelijke signalen een horde glasvaklui uit alle hoeken kwamen van Europa om glasblazer te worden in Nieuw-Buinen. Toch melden zich mensen aan uit andere plaatsen om te gaan werken bij Thöne glasindustrie in Nieuw-Buinen. In een jaarverslag van 1838 schrijft de gouverneur van Drenthe onder meer , eindelijk heeft het vorig jaar te Nieuw-Buinen in gemeente Borger zich een glasblazerij gevestigd. Waarvan die verzuchting? Burgemeester Alingh van Borger deed alles om een stuk werkgelegenheid te bevorderen, maar het zouden moeilijke tijden worden. Op 29 juni meldt de provinciale krant het volgende, op 25 juni den dezer te Nieuw-Buinen gemeente Borger in de nabijheid van Stadskanaal “door den heer Mr Fresseman Vietor notaris ”de eerste steen gelegd van een gebouw van de Nieuw Buiner glasfabriek. Waarin hoofdzakelijk medicijnpotjes, wijnflessen, karaffen, bierflesjes en andere glazen werden gemaakt. De gebeurtenis zal worden gezien als een nieuwe uitbreiding van de vaderlandse nijverheid voor gewichtig worden gehouden, Nieuw-Buinen een jonge Veenkolonie “waar brandstof in grote overvloed voor handen is (turf) en zijn zal” was zeker een geschikte plaats voor deze ondernemers waarvan de bloei en uitbreiding zeer gewenst en met grond tegemoet gezien wordt. De oprichters en ondertekenaars maken door deze aan hunne landgenoten bekend dat zij den 7e deze maand te Nieuw-Buinen gemeente Borger provincie Drenthe een wel ingerichte glasblazerij hebben geopend, en dat zij op dien dag met eigenlijke glasblazer een aanvang hebben gemaakt. En wijders dat zij zich voorlopig bepalen bij het fabriceren van allerlei soorten witholglas ”als bijvoorbeeld Beeld-karaffen-bierglazen-wijnkelken en flessen enz. en voornamelijk wit en bastaard medicijn glas dat in deugd en fraaiheid het Duitse glas verre overtreed. In verschillende kleuren en in grootte fatsoen in deze fabriek zullen worden gemaakt en wij beloven met de prijzen van buitenlandse fabrieken gelijk zullen houden.

J.C.A Thöne augustus 1838

Informatie uit eigen archief H. Niezing.